Tips voor arts-promovendi

  • Er zijn behoorlijke verschillen tussen de CAO Universitaire Medische Centra (waar promoverende artsen vaak onder vallen, en de CAO Nederlandse Universiteiten (CAO NU, (2)), waar promovendi in andere disciplines onder vallen. Wees je goed bewust van de volgende verschillen:
    • De CAO UMC biedt minder bescherming ten aanzien van de kwaliteit van je promotietraject. Zo bevat de CAO NU een artikel (artikel 6.8) over inhoud en tijd van het opstellen van een opleidings- en begeleidingsplan (OBP) en heeft de CAO UMC dat niet. Het is dus van belang om zelf initiatief te tonen en goed met je promotor en directe begeleider af te spreken wat jij verwacht en wat er van je verwacht wordt. Dit komt de kwaliteit van het promotietraject ten goede. Een format van een OBP is vaak te vinden op de website van je universiteit.
    • Een arts die promoveert onder de CAO UMC moet minimaal in schaal 10-2 worden ingeschaald. Dit is duidelijk beschreven in artikel 13.2 en (nadrukkelijk) artikel 17.3.4 van de CAO UMC. Dit betekent dat de OIO-schaal nadrukkelijk niet bedoeld is voor artsen, zoals ook de Landelijke Vereniging voor Artsen in Dienstverband onlangs schreef. Afhankelijk van de exacte afspraken kan het verschil in salaris tussen iemand die is gestart in de OIO-schaal en in schaal 10-2 oplopen tot netto 10.567 euro over 4 jaar. Volgens de Wet op de Collectieve Arbeidsovereenkomst, artikel 12 en artikel 15, moeten zowel werkgever als werknemer zich aan de CAO houden omdat de gemaakte afspraken anders nietig zijn en er zelfs vergoedingen kunnen worden gevorderd.
    • Je kunt de kosten van je BIG-registratie declareren bij je werkgever (artikel 5.8 CAO UMC).
    • Zie voor verdere CAO-gerelateerde tips onder “CAO”.
  • Een promotietraject vergt veel tijd en energie; de kwaliteit van een traject – en daarmee wat je er uiteindelijk aan hebt als de thesis af is – zijn voor een groot deel afhankelijk van eigen inzet. Het is daarom aan te raden alleen te beginnen aan een promotietraject als je inhoudelijk geïnteresseerd bent en echt onderzoek wil doen. Sommigen overwegen te promoveren met als voornaamste argument om de kans op toelating tot een vervolgopleiding (bv. tot medisch specialist) te vergroten. In die situatie is het aan te raden om je eerst goed te verdiepen in het werk dat je gaat doen, om teleurstelling en uitval (en een mogelijk “gat op je CV”) te voorkomen. Informeer bovendien bij de opleider van de beoogde medische vervolgopleiding of een promotie inderdaad bijdraagt aan je kansen: niet elke opleider is daar voorstander van.
  • Wacht niet per se met solliciteren voor een medische vervolgopleiding tot het laatste jaar van je promotie. Het is steeds gebruikelijker om al vroeg in, of zelfs voorafgaand aan, een promotietraject zekerheid te krijgen over een opleidingsplek, bijvoorbeeld over 4 jaar. Verdiep je daarom al vroeg in de mogelijkheden om te solliciteren (verschillende centra) en hoe vaak dat kan per opleiding.
  • Zoals beschreven in de Wet op Hoger Onderwijs, artikel 7.18, bepalen de promotor en de promotiecommissie of de kwaliteit van een proefschrift voldoende is om de graad van Doctor toe te kennen. Gebruikelijk is dat een thesis in de biomedische wetenschappen minimaal het equivalent bevat van 3 papers die gepubliceerd zijn in internationaal geaccepteerde wetenschappelijke tijdschriften. De onafhankelijke bijdrage van de promovendus dient gedemonstreerd te zijn, bijvoorbeeld door te publiceren als eerste auteur. Deze eisen zijn ook beschreven in de zogenaamde Zagreb Declaration (artikel 3), een richtlijn ter uniformering van biomedische promoties op Europees niveau.
  • In de praktijk doen artsen die promoveren op klinisch onderzoek korter (bv. 2 jaar) over hun promotie dan zij die promoveren op meer fundamenteel (of translationeel) onderzoek (bijvoorbeeld 4 jaar). Gegevens over de gevolgen van de duur voor de kwaliteit van een traject zijn helaas niet voor handen. Maak daarom een goede afweging tussen hoe lang je bezig wilt zijn met je promotie en je plannen voor een vervolgcarrière in de academische wereld.