Drukken proefschrift

 



Een proefschrift maak je zo!

Over het algemeen geeft de universiteit waar je promoveert uitleg over de eisen waaraan het proefschrift moet voldoen. Je dient echter zelf het proefschrift te maken. De gespecialiseerde proefschriften drukker kan je advies geven over offset- en digitiaal drukken, de offerte, de planning, de vormgeving, gebruik van kleur, soorten papier en bindmethoden.

Voorlichting bijwonen of drukkersmarkt bezoeken, kijk op deze website voor de agenda!
Of bestel het gratis voorlichtingsboekje “Een proefschrift maak je zo!”

Het drukwerkproces
Je promotiedatum bepaalt de planning voor de drukker. Een aantal proefschriften moet enkele weken, dit verschilt per universiteit, bij de Pedel worden ingeleverd. De drukker heeft 10 werkdagen nodig voor het eigenlijke drukwerkproces en de aflevering. Daarbij komen 4 werkdagen voor het maken en accorderen van de proeven door de promovendus. Bovendien adviseren we ook altijd vóór het drukwerkproces een test document op te sturen.

Offertes en planningen kun je telefonisch of via de website van de drukker aanvragen. Al naar gelang je wensen zal de drukker je adviseren je proefschrift in offset of digitaal te drukken, wel of niet full colour pagina’s in 1 katern te verzamelen etc.

Enkele opmaak/lay-out adviezen

  • Het formaat van het proefschrift is in gesloten vorm 17 x 24 cm groot maar sommige universiteiten hanteren een afwijkend model, controleer dit op voorhand;
  • De zetspiegel kunt je zelf bepalen maar is doorgaans ± 13cm x 20 cm. Zorg er wel voor dat de tekst midden op de pagina staat dus links en rechts evenveel witmarge;
  • Als je het document op A4 hebt staan zal de drukker het met ± 81% verkleinen naar het proefschrift formaat, let er op dat de teksten ook kleiner worden. Hanteer in geval bij gebruik van een lay-out op A4 grootte een lettergrootte van 12 punten. Het uiteindelijke resultaat is dan een lettergrootte van ± 10 punten;
  • Foto’s en afbeeldingen moeten op 300dpi in de definitieve afmetingen aangeleverd worden;
  • Indien je gescande lijntekeningen in het bestand plaatst scan ze dan in op 1200dpi in de definitieve afmetingen;
  • Afbeeldingen in de file moeten bijgesloten worden als TIFF of EPS bestanden;
  • Gebruik geen kleuren in tekeningen en grafieken die uiteindelijk in zwart/wit gedrukt zullen worden, maar arceer ze met patronen of in subtiele grijswaarden;
  • Gebruik een lijndikte van minimaal 0.25 mm in de definitieve afmeting;
  • Op de website van je drukker kun je berekenen hoe dik de rug van de cover van je proefschrift moet worden.

Drukbare PDF bestanden aanleveren
Drukkers werken meestal met PDF bestanden. PDF kan in vrijwel elk computer programma en besturingssysteem worden gegenereerd. Hier volgen een aantal zaken waaraan je dient te denken bij het genereren van een PDF voor drukwerk:

  • Gebruik Type-1 fonts;
  • Als je vanuit het programma een printopdracht naar PDF maakt , zet dan de optie voor embedden van lettertypes aan in het dialoogvenster;
  • Maak de PDF op de computer waarmee ook het proefschrift werd opgemaakt;
  • Test de PDF file op andere computers om te zien of er niets verandert

Een PDF maken in Windows vanuit Word of LaTeX
Als je Adobe Acrobat goed hebt geïnstalleerd is een acrobat icoon zichtbaar in de menubalk. Als je daarop klikt verschijnt op het scherm het programma PDFMaker. Kies Algemeen en kies altijd voor de optie Distiller (nooit PDFWriter) en PressOptimized.

U kunt er ook voor kiezen om naar Acrobat Distiller te printen. Als je een printopdracht geeft vanuit het bestand verschijnt een nieuw venster, selecteer voor print Acrobat Distiller. Selecteer Eigenschappen. Zorg dat op het tabblad Graphics tenminste 600dpi is geselecteerd. En kies bij PostScript de optie PostScript (optimize for portability).
Gebruik voor Acrobat Distiller de volgende instellingen.

Press optimized en dan bij Instellingen: Opdracht opties. Daar vind je de volgende vijf tabbladen die de belangrijkste instellingen hebben: Algemeen, Compressie, Lettertypen, Kleuren, Geavanceerd. Selecteer Algemeen en vink de optie PDF optimaliseren aan; zorg ervoor dat de resolutie op 2400dpi staat Selecteer Compressie en vink resampling aan en vul in: bicubische downsampling en 300 dpi; de optie compressie aan en bij kwaliteit de optie maximaal. De derde optie op het tabblad compressie is Monochrome bitmap afbeeldingen. Vink hier de optie resampling aan en kies als waarde 1200dpi. Vink ook de optie compressie aan (CCITT Groep 4). Selecteer Lettertypen en vink de opties aan: Alle fonts embedden en Subsets (100%) van gebruikte lettertypes.

LaTeX onder Windows
LaTeX is het beste gereedschap om wiskundige informatie in PDF’s te verwerken. Er zijn verschillende LaTeX distributies voor Windows. Een van de bekendste is MikTeX. LaTeX bestanden worden meestal gemaakt met een programma-editor, bijvoorbeeld Xemacs voor Windows (een programma-editor) en Auc-TeX (een add-on voor LaTeX onder Xemacs). Het met behulp van Xemacs gemaakte bestand wordt door MikTeX omgezet naar een zogenaamde DVI of DeVice Independent file.

De DVI file moet worden omgezet naar PostScript. Het meest gebruikte programma daarvoor is DVIPS dat wordt meegeleverd met de TeX distributie, in ons geval dus MikTeX. De aldus gegenereerde PostScript kan met Adobe Distiller of met GhostView worden omgezet naar PDF.

Krijg je bij controle van het PDF toch melding van type3 fonts dan zitten die fonts vaak in teksten in afbeeldingen. Het is belangrijk afbeeldingen te maken met software die voor teksten in die afbeeldingen Type-1 fonts gebruikt, als dat niet lukt kun je het betreffende lettertype outlinen of de illustratie converteren naar pixels

Van .PS naar .PDF
PostScript files kunnen op twee manieren worden omgezet naar PDF.
1: Met PDFWrite van GhostView:
Open de PostScript file in GhostView en kies File => Convert => PDFWrite met de hoogste resolutie (600dpi). Verder kun je onder de optie Properties nog de volgende opties aangeven:

  • GhostView: Convert PS to PDF
  • PDFSettings –/prepress
  • Embed all fonts — true

2: De PostScript file kan ook worden geconverteerd naar PDF via Acrobat Distiller. Zie voorgaande tekst bij: “Een PDF maken in Windows vanuit Word of LaTeX”
Er is een snellere manier om van LaTeX naar PDF te printen nl. het programma PDFTeX dat LaTeX bestanden direct omzet naar PDF. PDFTeX gebruikt standaard Type-1 fonts. Voorwaarde bij deze omzetting is wel dat alle gebruikte afbeeldingen omgezet moeten zijn naar PDF.

LaTeX: Richtlijnen voor gebruikers van Linux
De meest gangbare manier om PDF files te produceren onder Unix/Linux is de volgende keten: XEmacs (meestal met Auc-TeX) of een andere editor, TeTeX (Thomas Essers TeX implementatie) of een andere TeX distributie, DVIPS en GhostView.

Er is ook een alternatief nl. PDFTeX (onderdeel TeTeX distributie). Belangrijkste blijft dat het PDF bestand uit Type-1 fonts bestaat die zijn ingesloten. Als je met Linux werkt moet je er op letten dat geen Type-3 fonts ingesloten worden, om ervoor te zorgen dat het uiteindelijke PDF bestand uit “embedded” Type-1 fonts bestaat neem je  allereerst de volgende regel in de preamble van het document op: usepackage{pslatex}.

Gebruik bij DVIPS, wanneer de DVI file wordt omgezet naar PostScipt, de optie -Ppdf. Deze optie dwingt DVIPS gebruik te maken van de file config.pdf. Dat is een speciale configuratie file om ervoor te zorgen dat DVIPS optimale PostScript levert voor omzetting naar PDF. De file config.pdf hoort in de directory [...]/texmf/dvips/config/config.pdf. In de file worden een aantal belangrijke zaken geregeld voor de omzetting van DVI naar PostScript. In de volgende paragraaf worden de belangrijkste elementen van de file config.pdf in het kort besproken.

De belangrijkste regels in de file config.pdf:
1.    D 8000
2.    p psfonts.map
3.    p +bsr.map
4.    p +bsr-interpolated.map
5.    p +hoekwater.map
6.    R 600 1200
7.    j0
8.    G0

Regel 1 zet de resolutie op 8000dpi. De optie is een goede verklikker om te zien of er nog Type-3 fonts in het document staan, want in dat geval begint TeX, of eigenlijk dvipspk, te rekenen om die bitmapped fonts om te zetten naar 8000dpi.

De regels [2] t/m [4] zijn belangrijk. De regels wijzen naar evenzovele “map files” die aangeven a) welke fonts DVIPS NIET moet insluiten als Type-3 fonts (dat zijn de fonts die genoemd worden in de eerste vertikale kolom van de file; in het geval van Computer Modern, bijvoorbeeld: cmb10, cmbsy10, etc.). In de tweede kolom va de file komen de namen van de Type-1 fonts, wanneer die namen verschillen van de namen in TeX voor die fonts. Bijvoorbeeld, wanneer de Type-1 Computer Modern fonts namen in uppercase hebben, dan worden die in de tweede kolom opgenomen. De derde kolom zorgt ervoor dat de Type-1 fonts worden ingesloten in de PDF file die wordt gegenereerd. Een “map file” ziet er dus als volgt uit:

  • cmb10 CMB10 <[/usr/local/lib/tex/fonts/type1/]cmb10.pfb
  • cmbsy10 CMBSY10 <[/usr/local/lib/tex/fonts/type1/]cmbsy10.pfb
  • cmbsy6 CMBSY6 <[/usr/local/lib/tex/fonts/type1/]cmbsy6.pfb

Regels 5 t/m 8 zijn extra opties. De optie R 600 1200 zorgt ervoor dat wanneer er toch nog “bitmapped’ informatie aanwezig is, die tenminste op een minimum resolutie van 600dpi wordt bijgespeeld. De optie -j0 zorgt er voor dat het gehele font wordt ingesloten. De optie -G0 wordt gebruikt wanneer de zogenaamde ligaturen niet goed gaan. Zoek een woord op in de file dat begint met de letters fl, bijvoorbeeld fluctuations, is dit wordt in de PDF file f*uctuations geworden, gebruik dan DVIPS met de optie -G0.
Een alternatief voor de hierboven beschreven keten om van LaTeX files PDF files te maken, is PDFTeX. PDFTeX zet LaTeX bestanden direct om naar PDF zonder tussenstappen met DVIPS en GhostView. PDFTeX gebruikt standaard alleen Type-1 fonts. “Nadeel”: PDFTeX kan alleen overweg met afbeeldingen in PDF format. Toch is daar vrij eenvoudig wat aan te doen. Gebruik in de LaTeX source bestandsnamen zonder extensie, dus: plaatje in plaats van plaatje.eps. DVIPS zoekt bij de bestandsnaam plaatje gewoon naar plaatje.eps en PDFTeX zoekt naar plaatje.pdf. Zet alle eps files met een batch-converter, bijvoorbeeld epstopdf (van Sebastian Rahtz op CTAN) of PStill om naar PDF. Nu kun je altijd op twee verschillende manieren PDF genereren.

Controleer de definitieve PDF file nogmaals
Controleer de gemaakte PDF file door de file in Adobe Acrobat te openen. Vergroot het bestand met 800%. Alle karakters moeten er haarscherp uit blijven zien. Plaatjes die er op een MONITOR met een resolutie van ca. 72 dpi goed uitzien kunnen na het drukken veel details verliezen als je je niet aan de algemene richtlijnen hebt gehouden
Een uitdraai maken op een gewone printer is geen goede referentie: die printen namelijk niet exact wat er gedefinieerd is, maar wat het apparaat technisch aankan. Een professionele pers daarentegen drukt precies datgene wat in de pdf gedefinieerd is.

Een andere manier om de PDF file te controleren is om, ook in Acrobat, File => DocumentInfo => Fonts te kiezen. Er verschijnt dan een FontInfo venster. Kies in dit FontInfo venster List All Fonts. Als het goed is bestaat de lijst uit TrueType of PostScript Type-1 fonts, al dan niet als “embedded subset”.